Drie redenen waarom we liever moeilijk doen

Eerder schreven we over samenwerking en zagen we dat we dat onze uniciteit ons in de weg zit bij het samenwerken. In dit blog kijken we naar onze redenen voor het alleen willen werken, het “moeilijk doen”.

Waarom werken we dan alleen?

Drie redenen om lekker alleen aan de slag te (blijven) gaan zijn naar mijn idee:

  1. Je kan sneller werken
  2. Je hebt geen last van de ander
  3. Je houdt de controle

Deze redenen klinken allemaal heel logisch. Maar is dat het hele antwoord? We weten immers ook dat áls je samenwerkt, het zo licht kan voelen. Hoe zit dat dan? We nemen alle redenen even nader onder de loep.

  1. Je kan sneller werken. 

Ja, dat is ook echt zo. Succesvolle ondernemers doen alleen dát waar ze extreem goed in zijn én verzamelen anderen om zich heen die op hún vakgebied weer extreem goed zijn. Dat snellere werken werkt dus op een specifiek vakgebied. Om iets buiten dat vakgebied mogelijk te maken, heb je toch weer anderen nodig. Werk je altijd alleen, dan doe je dus altijd concessies aan kwaliteit en/of kwantiteit. Maar ja, samenwerken is niet voor iedereen geschikt. De langzaamste van de groep bepaalt dan het tempo. Ben je niet zo geduldig, dan kun je maar beter alleen sneller blijven gaan.

  1. Geen last van de ander.

Ook dat klopt. Samenwerking is ook elkaar tegenkomen, in de weg zitten, discussies hebben. Die ander wil niet hetzelfde als wij. We zijn anders, uniek zeiden we in het vorige blog. En dat is niet altijd gemakkelijk om mee om te gaan. Daar komt nog wat bij. We zijn wel groepsdieren, maar misschien daarom juist? ook altijd bang voor de afwijzing van anderen. En we worden ook afgewezen. Uit onderzoek blijkt dat we bijvoorbeeld in de trein het liefst een plek alleen hebben, omdat we bang zijn om naast iemand te gaan zitten, die ons “niet moet”. We nemen het risico liever niet. Dat we ook naast iemand kunnen komen te zitten waar we een ontzettend leuk contact aan over houden, daar durven we niet eens aan te denken. We hebben bij het alleen werken dus niet de lasten, maar ook niet de lusten van de ander.

  1. Je houdt de controle. 

Dit laatste argument is ook waar. Als je alleen werkt, heb je alleen met jezelf te maken en loop je (zie de twee punten hierboven) alleen tegen je eigen beperkingen aan. Samenwerking daarentegen vereist ook iets van onszelf: een bereidheid in te zien dat de ander iets kan of brengt wat wij nodig hebben en dat is nieuw en onverwacht. Maar wie alles controleert, is niet goed in het toelaten van nieuwe dingen. Er zijn vele voorbeelden van het in kunnen spelen op het onverwachte. Een bekend voorbeeld is de uitvinding van de penicilline door Alexander Flemming. Op zijn bureau was het zo rommelig dat een kweekschaaltje tijdelijk kwijt was geraakt. Na een vakantie werd het gevonden en onder de microscoop bleek er iets aan de hand te zijn. Wie alles controleert, gaat niet met rotzooi op vakantie en bekijkt de gevolgen van de rotzooi vervolgens ook niet onder de microscoop. Controle sluit ook iets uit: het onverwachte, het nieuwe, potentie en groei.

De redenen waarom we niet samenwerken: ze klinken zo voor de hand liggend, maar eigenlijk verkleinen ze onze kansen, onze groei en verhinderen we daarmee te laten zien wie we werkelijk zijn.

Herken je deze argumenten en wil je het anders? Lees het komend blog “Samenwerken: in vier stappen” of maak een afspraak met Mark@bevlogenteams.nl.

 

2018-12-21T16:02:39+00:00

Lees het nu: